ADP: deeltijdwerkers en minimumloners krijgen meer vakantiegeld, modaal inkomen ziet daling
Salarisdienstverlener ADP meldt dat parttimers en minimumloonontvangers er netto op vooruitgaan, terwijl modale inkomens juist minder ontvangen dan vorig jaar.

NETHERLANDS —
De feiten
- ADP, een grote salarisdienstverlener, rapporteert de cijfers.
- Parttimers en minimumloonwerkers krijgen dit jaar netto meer vakantiegeld.
- Nederlanders met een modaal inkomen ontvangen komende maand minder vakantiegeld dan in 2025.
- Het verschil is het gevolg van wijzigingen in belastingtarieven en premies.
- De uitbetaling van vakantiegeld vindt plaats in mei 2026.
- Het bericht is gebaseerd op berekeningen van ADP.
- Het vakantiegeld bedraagt doorgaans 8% van het bruto jaarsalaris.
Netto meer voor laagste inkomens, minder voor modaal
Parttimers en werknemers met een minimumloon ontvangen dit jaar netto meer vakantiegeld dan in 2025, zo blijkt uit cijfers van salarisdienstverlener ADP. Tegelijkertijd zien Nederlanders met een modaal inkomen hun vakantiegeld juist dalen. De uitkering, die in mei wordt uitbetaald, is voor velen een belangrijke financiële meevaller of tegenvaller. De verschuiving is het gevolg van aanpassingen in de belastingtarieven en sociale premies. Lagere inkomens profiteren van een gunstiger belastingstelsel, terwijl modale inkomens worden getroffen door een hogere belastingdruk. ADP benadrukt dat het om nettobedragen gaat, na aftrek van belastingen en premies.
ADP-cijfers tonen uiteenlopende ontwikkeling
ADP, een van de grootste salarisadministrateurs van Nederland, heeft de berekeningen gemaakt op basis van de actuele belastingregels voor 2026. De dienstverlener vergeleek de nettobedragen voor verschillende inkomensgroepen met die van vorig jaar. De uitkomsten laten een duidelijke tweedeling zien: de laagste inkomens gaan erop vooruit, de modale inkomens gaan erop achteruit. Het vakantiegeld bedraagt doorgaans 8 procent van het bruto jaarsalaris. Voor werknemers met een minimumloon of een deeltijdbaan betekent de stijging een extraatje van enkele tientallen tot honderd euro. Voor modale inkomens kan de daling oplopen tot een vergelijkbaar bedrag.
Oorzaak: wijzigingen in belastingtarieven en premies
De oorzaak van de tegengestelde beweging ligt in de jaarlijkse aanpassing van het belastingstelsel. In 2026 zijn de tarieven in de eerste schijf verlaagd, waar vooral lage inkomens baat bij hebben. Tegelijkertijd is de algemene heffingskorting verhoogd, wat eveneens gunstig uitpakt voor de laagste inkomensgroepen. Voor modale inkomens, die vaak in een hogere belastingschijf vallen, werken deze wijzigingen minder positief uit. Zij zien hun nettovakantiegeld dalen doordat de belastingdruk op hun inkomen relatief is toegenomen. ADP wijst erop dat het om nettobedragen gaat; de bruto vakantiegelduitkering blijft gelijk.
Impact op huishoudens en bestedingspatroon
De veranderingen in het vakantiegeld hebben directe gevolgen voor de koopkracht van huishoudens. Voor parttimers en minimumloners betekent de stijging een welkome aanvulling, vooral in een tijd van hoge inflatie en stijgende woonlasten. Voor modale inkomens kan de daling leiden tot aanpassingen in het bestedingspatroon, zoals minder uitgeven aan vakanties of het uitstellen van grote uitgaven. Uit een lopend onderzoek van het AD blijkt dat een meerderheid van de Nederlanders het vakantiegeld daadwerkelijk besteedt aan vakantie. De vraag is of de daling voor modale inkomens leidt tot een andere bestemming van het geld, zoals het aflossen van schulden of sparen.
Vooruitblik: wat betekent dit voor 2027?
De ontwikkeling van het vakantiegeld in 2026 roept vragen op over de toekomst. Als de belastingtarieven en premies in 2027 op vergelijkbare wijze worden aangepast, kan de tweedeling tussen lage en modale inkomens verder toenemen. ADP heeft nog geen prognose voor volgend jaar, maar de huidige cijfers laten zien dat het beleid van de overheid direct doorwerkt in de portemonnee van werknemers. Vakbonden en werkgeversorganisaties zullen de cijfers ongetwijfeld gebruiken in de onderhandelingen over de cao's. Voor werknemers met een modaal inkomen kan de daling van het vakantiegeld een argument zijn om hogere looneisen te stellen. De komende maanden zal blijken of de trend zich voortzet.
Conclusie: een gemengd beeld voor Nederlandse werknemers
De cijfers van ADP schetsen een genuanceerd beeld: niet alle werknemers profiteren in gelijke mate van de belastingwijzigingen. Waar de laagste inkomens er netto op vooruitgaan, zien modale inkomens hun vakantiegeld dalen. Dit benadrukt het belang van inzicht in de eigen financiële situatie, vooral in een tijd waarin de kosten van levensonderhoud blijven stijgen. Voor werkgevers en salarisadministrateurs is het zaak om werknemers tijdig te informeren over de veranderingen. ADP heeft met zijn rapportage een helder signaal afgegeven: het vakantiegeld van 2026 is voor veel Nederlanders anders dan voorgaande jaren, zowel in positieve als negatieve zin.
Samengevat
- Parttimers en minimumloonwerkers ontvangen in 2026 netto meer vakantiegeld dan in 2025.
- Nederlanders met een modaal inkomen krijgen juist minder vakantiegeld, door wijzigingen in belastingtarieven en premies.
- ADP, een grote salarisdienstverlener, heeft de berekeningen gepubliceerd.
- De uitbetaling van vakantiegeld vindt plaats in mei 2026.
- Het vakantiegeld bedraagt doorgaans 8% van het bruto jaarsalaris.
- De daling voor modale inkomens kan gevolgen hebben voor het bestedingspatroon, zoals minder vakantie-uitgaven.







Oud-wethouder Theo Reijn (74) overleden: 'Een aimabel mens en zeer betrokken'

Bultrug Timmy na wekenlange reddingsactie vrijgelaten in Noordzee

Motorrijder belandt in sloot bij Wolphaartsdijk, branden en incidenten teisteren Zeeland
